home soorten rode lijst publicaties links email
Grote pages (Papiliomdae) Witjes (Pieridae) Blauwtjes, Kleine pages en Vuurvlinders (Lyceanidae) Dikkopjes (Hesperiidae) Vossen (Nympalidae) Zandoogjes (Satyrinae)
Grote pages (Papiliomdae) Witjes (Pieridae) Blauwtjes, Kleine pages en Vuurvlinders (Lyceanidae) Dikkopjes (Hesperiidae) Vossen (Nympalidae) Zandoogjes (Satyrinae)
De Grote pages zijn zeer verschillend in uiterlijk en groote. Ze komen in Nederland maar zelden voor. Ze zijn met een spanwijdte van meer dan 60 mm groot en opvallend. De grondkleur van de vleugels is meestal geel of wit met een mooie tekening. De Grote pages zijn elegante en zwevende vliegers die van een groot deel van hun tijd op bloemen doorbrengen. De Witjes zijn middelgrote vlinders met een spanwijdte van 30 tot 64 mm. De grondkleur van de vleugels is wit, geel of oranje. Er vliegen een of meer generaties per jaar. Ze bezoeken graag bloemen en zetten hun eitjes af op kruidachtige planten. Deze familie bevat de Blauwtjes, Kleine pages en de Vuurvlinders. Het zijn meestal kleine soorten. De spanwijdte is 18 tot 42 mm. De vleugels vertonen meestal een metaalachtige glans en de onderkant heeft een mooi patroon met opvallende stippen. Aan de hand van dit stippenpatroon kan de soort worden bepaalt, wat over het algemeen niet meevalt. De Dikkopjes worden niet tot de "echte" dagvlinders gerekend, maar vormen een eigen familie. De verschillen met de echte dagvlinders zijn, de vleugelstand en de breedte van de kop. Ze zijn met een formaat van 18 tot 34 mm kleine snelle vliegers. Meestal hebben ze gele, bruine of zwarte vleugels. Ze bezoeken vaak bloemen en de eitjes worden op grassen of kruiden afgezet. De Vossen zijn middelgrote tot grote vlinders met een spanwijdte van 34 tot 60 mm die veel mensen uit het stadspark of tuinen kennen, zoals de Kleine vos en de Dagpauwoog. Deze vlinders kunnen we ook in de winter in schuurtjes of op zolder tegenkomen, waar ze dan op een droog en koel plekje overwinteren. De Zandoogjes vliegen meestal op graslanden of heidevelden. De groote van de vlinders loopt sterk uiteen: de spanwijdte gaat van 27 tot 78 mm. Leden van deze familie kunnen gemakkelijk worden herkend aan de oogvlekken op de boven- of onderkant van de vleugels. Ze zijn meestal opvallend gekleurd. Ze bezoeken graag bloemen en zijn kenmerkend door de dartele manier van vliegen.